maandag 28 september 2015

30 Tasjkent zaterdag 26 tot woensdag 30 september

Geschiedenis
Tasjkent betekent letterlijk “stad uit steen”. Er zijn trouwens verschillende historische bronnen die verschillende benamingen hanteren. In de 4e en 3e eeuw v.Chr. leefden hier mensen. Tasjkent is al van oudsher een belangrijke spil in de zijderoute. Timur sticht hier – later – een enorme vesting.In de tijd van de Schaibarieden, die voor het eerst de Oezbekische staat stichtten ,wordt Tasjkent een belangrijk(e) handelscentrum en handelswerkplaats. Na het ineenstorten van die dynastie komen er verschillende khanaten, die in 1723 weer onderworpen worden door nomaden uit het westelijk Mongolië, de Dzjoengaren. De stad behoudt zijn economische sterkte, heeft contacten met Rusland en na de bevrijding van de Dzjoengaren wordt het in 1796 hoofdstad van de gelijknamige staat. Deze staat drukt eigen munten, had een eigen Heer en heeft een eigen binnen- en buitenlandse politiek. Er zijn spinnerijen,  fabricage van zijden stoffen, smeedhandwerk, gouden borduurwerk. Op de diverse bazaars worden spullen uit China, Afghanistan, Buchara, Samarkand, Rusland en Perzië verhandeld.
In 1814 verliest Tasjkent z’n onafhankelijkheid als staat en wordt bezit van het Khanaat van Kokand. Men vindt dat niet leuk en revolteert daartegen. En in 1865 sluit Tasjkent zich bij het Russische rijk aan: de gouden sleutels van de 12 stadstorens worden feestelijk aan de militaire gouverneur van Turkestan (“provincie” van Rusland) overhandigd.
Door het aansluiten bij Rusland verlevendigt niet alleen de handel, ook de industrialisering komt op gang. Ook de stadsplanning voor de nieuwe stad is eenvoudig vergeleken bij het wirwar aan straatjes in de oude stad: stervormig en symmetrisch lopen ze naar één centrum toe. Alles wordt klassiek en grootschalig.
Twee weken nadat het bericht over de oktober revolutie van 1917 Tasjkent bereikt, organiseert men ook een opstand en in april 1918 ontstaat de Turkestaanse Socialistische Sovjet Republiek. Dan een burgeroorlog en in 1924 wordt de Oezbekistaanse Socialistische Sovjet republiek gesticht met Tasjkent als hoofdstad. O.a. door de katoenwinning wordt Tasjkent het centrum van Midden-Azië.
In 1966 volgt een zeer zware aardbeving met een jaar lang naschokken: 100.000 woningen onbewoonbaar, 300.000 mensen dakloos. Er komt een nieuw bebouwingsplan, rond het Amir-Timurplein, met veel fonteinen en veel groen. Na de onafhankelijkheid wordt deze aanpak voortgezet: veel glas, grote koepels.

Zaterdag 26 en zondag 27 september
Na aankomst zaterdag lopen we nog de nieuwe stad in. Tasjkent heeft een oude en een nieuwe stad. De oude is waar we hier voor komen: de oude oase Tasjkent, van groot belang in de Zijderoute. Het hotel is in de nieuwe stad. We verbazen ons over de enorme grote gebouwen. Die verbazing zal de volgende dagen aanhouden. Overal parken en fonteinen en niet zulke kleintjes. Grote brede lanen en overal kanjers van witte gebouwen, heel vaak grote koepels bovenop. Alsof men wil laten zien: kijk eens wat we ons allemaal kunnen permitteren. Het is wat pompeus. We wandelen er trouwens heerlijk en veel, onder de bomen door met heerlijk weer.

We eten ergens op een terras. De mensen zijn er zeer goed gekleed, een rijke buurt waar we in zitten.

ook hier veel parken

en veel heel grote gebouwen

en mooie appartementen

grote gebouwen en machtig veel fonteinen

ook lelijke sovjet flats

idem


Zondag lopen we richting oude stad. Daar is ook de bazaar in de buurt. Groot en kleren voor de hele wereld. Volgens het boekje is die bazaar er al twee eeuwen overdekt.

op de bazaar


We lopen erdoor, lopen verder en zien een kleine, maar mooie madrassa aan de rand van de oude stad.

een moskee of madrassa aan het begin van d oude stad

idem

mooie steentjes

Geer is er  helemaal op geklleed

De oude stad binnenlopend, hebben we enorm geluk: we lopen een straatje in waar muziek en ballonnen zijn en komen in een bruiloft terecht. In het straatje staat een rij oudere mannen hoorn te blazen. Donkere stoten, de grote hoorns gaan tegelijk op en tegelijk neer. Dit op de maat van de muziek die in de poort naar de binnenhof van het huis is: een prachtige oude fluit en tamboerijnen. Vlugge en steeds vluggere, vrolijke, wilde muziek. Heel speciaal om dat mee te maken. We worden binnen uitgenodigd, al zouden we niet willen, we moeten naar binnen en bij de familie komen zitten, aan tafels met eten erop. We gaan graag op de uitnodiging in. Enkelen spreken goed Engels, hebben in Dubai in de constructie gewerkt. Wij praten vooral met de oudste zoon die vijf jaar in Dubai heeft gewerkt en behoorlijk Engels spreekt. De jongste broer gaat nu trouwen en de hele familie, broers, zussen, ooms, tantes en kleinkinderen zijn erbij. We drinken thee, eten soep, dadels en zo.
Dan komt de bruidegom naar buiten; het lijkt wel of ze eerst een paar keer oefenen. Jawel, weer muziek en daar is hij dan. Een fotosessie met de hele familie en dan een soort zegening van de naaste familie incl. bruidegom door de oudste broer van de vader – de vader is zes jaar geleden overleden, hij neemt de honneurs waar. We leren nog dat dit de laatste zoon is die trouwt, de andere drie, een vrouw de oudste en de andere twee zijn alle reeds gehuwd. De zoon waar we het meeste contact mee hebben heeft al een zoon van 17 die in Dubai aan de Universiteit studeert.

Een prachtig feest en we zijn van harte uitgenodigd in een restaurant waar om zes uur het echte feest begint. Dat maken we niet meer mee, maar dit feest hadden we niet willen missen.

bruiloft: de mannen met Karnay (hoorns) die donkere geluiden uitstoten, 
op de maat van de muziek, hoorn hoog, hoorn laag ..en weer op

bruiloft: een Surnay (fluit) en Doyra (tamboerijnen maken zeer ritmische muziek

de moeder van de bruidegom, een zoon en kleinzoon

we worden aan tafel genood

met de bruidegom die na een tijdje het huis uitkomt

de naaste familie; de man links is de broer van de overleden vader. 
Hij neemt de honneurs waar


Dan lopen we verder door de oude stad en zien nog een gevaarlijk staaltje van bouwactiviteit bij een dak wat ergens opgelegd wordt:

 steigerbouw


Het Xasti-Imom plein is heel erg mooi. We blijven er niet lang omdat we er met de Liviusreis ongetwijfeld nog langer zullen komen, met uitleg erbij. Het is wel heel erg leuk om vast een impressie te hebben.

het Xasti-Imom plein met rechts de Madrassa Barak Chan

 het Kaffai-Shashi Mausoleum


We lopen terug naar het eind van de markt waar nog een madrassa te bewonderen valt. Naast de oude Madrassa is een nieuw gebouwde moskee, waar juist het gebed begint.

de Kukeldash madrassa

binnenin de madrassa, de cellen waar 2 à 3 studenten woonden (wonen)

de nieuwe moskee, naast de madrassa

de koepel

Door een taxi laten we ons daarna bij een wijk waar we veel restaurantjes in het boekje gezien hebben afzetten. Wat we zoeken, vinden we niet, maar wel een lekker restaurantje aan de straat.

En dan terug naar het hotel, een voldane dag.

Maandag 28 september
Het geologiemuseum is niet wat we verwachtten: geen geologie, wel dinosaurus en mammoet, stenen uit de oudheid, etc. Leuk om te zien, maar niet bijzonder. De begeleidende teksten zijn alleen in het Oezbeeks en het Russisch. 

Oezbekistan in het geologisch museum

een dinosaurus poot


Dan laten we ons naar de botanische tuin brengen. Geen succes wat botanische tuin betreft. Wat vroeger heel mooi ontworpen en aangelegd moet zijn is nu verwilderd en niet onderhouden. We lopen een aantal paden af in het lekkere weer en dan hebben we het wel gezien.

botanische tuin, geheel overwoekerd

een boom als deze komen we nogal eens tegen

één boom met mooie bloemen

 een bloem


We lopen het hele eind terug naar de stad, lekker wandelen. En in de stad bekijken we de grote held Amir Timur. Hij is in Oezbekistan geboren, als kleinzoon van Dzjengis Khan. Hij heeft als opvolger in de Mongoolse dynastieën 28 landen ingenomen. Het is inderdaad Timur Lenk, die wij vroeger nooit aan Oezbekistan hadden gekoppeld, maar die men hier als grote nationale held bewondert omdat hij hier is geboren. In de geschiedenis van Perzië is het een uitermate wraakzuchtige veroverraar die zeer wreed te keer ging.

Amir Timur met groot gebouw op de achtergrond


We lopen verder door en komen bij het museum voor Toegepaste Kunst. Dat is zeer de moeite waard, zowel van buiten (zie foto’s) als van binnen: prachtige tapijten, muziekinstrumenten enzovoorts.

het museum voor toegepaste kunst, prachtig houtwerk bij de ingang

ingezoomd

een leuk ventje bij de souvenirwinkel


En tot slot van deze dag hebben we in een echt Oezbeeks restaurant een diner.

 
Caravan restaurant

Kees bekijkt het menu

Dinsdag 29 september
Als we om 9 uur zitten te ontbijten, komt de Liviusgroep met een bus aan. We groeten ze even en dan gaan wij nog even naar de markt met een taxi op en neer. We lopen nog even de stad in en daardoor zijn we iets later dan 12 uur bij het hotel waardoor we onze groep missen. We vinden elkaar weer bij een lunchplek, waar we eigenlijk net vandaan waren komen lopen. De eerste middag bezoeken we met de groep het historisch museum van Oezbekistan.
Daarna gaan de meeste mensen naar het hotel terug, gaar van de reis. Wij wandelen naar het Plein van de Volksvriendschap langs een mooi park met fonteinen en natuurlijk weer grote gebouwen. Het cultuurpaleis is gigantisch, maar ziet er leeg en ongebruikt uit.

Achter het cultuurpaleis is nog een madrassa, de aanleiding voor de wandeling. De Madrassa Abdul Qosin. Niet bijzonder, wel de moeite waard. Binnein zijn allerlei handwerkwinkeltjes waar eerst de cellen van de studenten waren.


Madrassa Abdul Qosin

binnenplaats, de leercellen zijn nu voor kunstnijverheid in gebruik


We eten wat op de terugweg naar het hotel en maken ons gereed voor de dag van morgen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten