Turpan wordt
wel “het land van vuur” genoemd, naar de prachtige bergen hier. Ook wel “het
pakhuis van wind” naar de sterke wind die er kan staan. ’s Zomers wordt het 40
graden en ’s winters -10 tot -15 graden.
Het is het
laagste deel van heel China. Vlak ten zuiden van Turpan is een meer dat op 150
m ligt. Dat is het laagste punt van China.
Turpan geschiedenis (zie
ook in algemeen Hfst China over Xinjian en de Oeigoeren)
In 108
n.Chr. wordt Turpan bewoond door boeren en handelaars van Indo-Europese afkomst
die een bepaalde Indo-Perzische taal spreken. Wie in de Turkse oase de baas is,
beheerst de noordelijke zijderoute. In de Han dynastie (206 v.Chr.- 220 n.Chr.)
wisselt deze controle tussen de Xiongnu (=Hunnen) en de Chinezen. Tot in de 5e
eeuw is Jiaohe de hoofdstad van dit koninkrijk.
Het
Boeddhistische huis van Qi regeert Turpan vanaf het begin van de 6e
eeuw. Tijdens de Noordelijke Wei-dynastie (Wei 386 – 534 n.Chr.) wordt Goacheng
(Kharakhoja) de hoofdstad. In hun campagne om het westen te pacificeren
vestigen de Chinezen een protectoraat om over de producten van de regio te
waken: katoen, zout, alum= grondstof voor papier en druiven. Tijdens de Tang
dynastie (6i8 – 907) introduceert China het maken van wijn.
Bij het
desintegreren van de Noord Oeigoeren wordt in 840 het onafhankelijke Gaocheng
koninkrijk gevestigd. Indo-Europese autochtonen worden door de Oeigoeren
geabsorbeerd en er ontwikkelt zich een rijke, intellectuele, artistieke en
religieuze Boeddhistische cultuur. Manicheïsten en Nestorianen leven in
harmonie samen. Literatuur wordt in diverse talen vertaald. Deze bloei duurt
tot in de 13e eeuw de Mongolen komen. Na de dood van Genghis Khan
wordt Turpan deel van het Chaghatai Khanaat dat als Uyguristan bekend is. In de
13e eeuw noteert Marco Polo dat dit land graan en uitstekende wijn
produceert en veel studenten in liberale kunsten heeft. Maar, zegt hij, ’s
winters is de kou hier intenser dan nergens anders in de wereld.
Aan het eind
van de 14e eeuw worden de Oeigoeren
gedwongen zich tot de islam te bekeren, onder Tamerlane de Grote. Er is een
periode van agressie van Turpan tegen de naburige oasis Hami. De Chinezen
weigeren dan alle karavanen van Oeigoeren naar het oosten, naar Gansi en de
Oeigoerse handelaren in Gansu worden verbannen. In de Ming dynastie (1368 –
1648) komen er weer betere verhoudingen, o.a. te zien aan het beroemde
wit-blauwe Ming porselein.
De
Islamitische bewoners van Turpan rebelleren tegen de overheersing van de
Boeddhistische “Oirat” Mongolen. Een campagne in de Qing dynastie (1644 – 1912)
tegen de “Oirats:”. In 1862 rebelleert Turpan tegen de Chinese
garnizoenstroepen en sluit zich aan bij
Yakus Beg’s revolutie. Het staat hier niet vermeld in de gids, maar het zal
eindigen met dat Turpan onder China valt met behoud van gebruiken etc.
Maandag 31 augustus – woensdag 2 september
In de drie
dagen Turpan bezoeken we twee dagen diverse ver-weg bezienswaardigheden met een
taxi en een dag huren we een fiets voor dichtbij. Turpan en omgeving heeft veel
te bieden.
Maandag 31 augustus
1.
Atsana graven
Een
begraafplaats voor keizerlijke doden en misschien ook gewone mensen uit Gaocheng
(Kharakhoja) een vroegere stad 30 km ten ZO van Turpan. Ze zijn uit de Han en
de Tang-dynastie en 500 jaar in gebruik geweest: 223 – 778 (Han 206 v.Chr.- 220
n.Chr., Tang die van 618 – 907). De lichamen en artefacten zijn door de droogte
goed bewaard. Bij binnenkomst is er een beeldentuin met middenin een hoog beeld
van een in elkaar verstrengelde man en vrouw die van onderen eindigen in in
elkaar gedraaide slangen. Ze verbeelden Tuxi en Nuwa, keizer en keizerin en
tegelijk broer en zus. Ze belichamen beiden grote deugden. Dit soort objecten
worden in begrafenisrituelen veel gebruikt tijdens de Han dynastie .
Tuxi
en Nuwa, die grote deugden vertegenwoordigen
In de grote
grafvlakte zijn 3 opgegraven graven nog te bezichtigen. In alle drie ligt een
echtpaar begraven. De eerste tombe lijkt de belangrijkste, hij is van generaal
Zhang Xun en heeft tekeningen van de Jade, de Gouden, de Stenen en de Houten
Man, die over de belangrijkste Confuciaanse deugden gaan. Bijvoorbeeld: je kunt
water in een pot doen, maar als je er teveel in doet loopt hij over en breekt
hij. Dus: wees matig en niet corrupt. Of een bundel gras die verbeeldt dat het
paard veel meer zijn meester trouw is dan omgekeerd. Of een zijden draad en
weefsel: door kleine dingen met velen te doen, kun je een sterk iets bouwen.
Ingang van een graf van de Atsana graven
tekening
in het eerste graf: tekeningen van de Jade, de Gouden, de Stenen
en de Houten Man, die over de belangrijkste Confuciaanse deugden gaan.
De 2e
tombe bevat tekeningen uit het dagelijks leven: ganzen en eenden getekend. En
in de 3e liggen een man en een vrouw door de droogte heel goed
gemummificeerd.
2.
Het dorpje Huoyan Shan
Een dorpje waar
we met de auto doorheen komen en even stoppen. We bezoeken voor het eerst een
van de typische huizen: van boven is de muur zodanig gemaakt dat er steeds
halfsteense openingen zijn in de muur zodat in de hitte de wind erdoor heen kan
waaien, een grote binnenplaats en onder de grond ruimte om te wonen – voor de
koude winters. Hier rijden we voor het eerst weg met druiven die we nog vaker
die dag zullen krijgen; trossen rozijnen, die we op de binnenplaats zien hangen.
Die open muren zien we later ook gebruikt worden om de druiven tot rozijnen te
drogen.
De witte
pit vrije druiven zijn tot in Beijing heel bekend uit deze streek.
een huis in aanbouw waar je de verdiepingen
goed ziet
de binnenplaats
de bovenverdieping waar fruit wordt gedroogd
van dichtbij, een Oeigoerse vrouw
druiven hangen te drogen
kinderen overal
de
moskee van het dorp
3.
Gaochang (Kharakhoja)
Dit is een
indrukwekkende ruïne van een oude stad 49 km ten ZO van Turpan. In de 2e
eeuw v.Chr. gebouwd als garnizoensstad, wordt het de hoofdstad van het
koninkrijk Gaocheng onder de Han-Dynastie (206 v.Chr. – 220 n. Chr.). In de 7e
eeuw regeert het over 21 andere steden. Er worden veel Boeddhistische
kloosters, tempels en religieuze gemeenschappen gesticht en de monnik Xuan Tan
geeft hier een aantal maanden les te midden van
schilderijen en beelden in Grieks-Boeddhistische Gandharan stijl. Dus toen
al Griekse invloeden! Er is ook
Confuciaanse college over de Chinese ethiek. In de 9e eeuw vestigen
de Oeigoeren het Kharakhoja koninkrijk, waarmee het Manicheïsme met elementen
van het Boeddhisme en de Nestoriaanse godsdienst verweven wordt.
De stad bestaat
uit 3 delen: een buitenplaats, een binnenplaats en een fort.
In de 14e
eeuw wordt de stad verwoest tijdens een oorlog van 40 jaar; anti-Boeddhistische
gevoelens spelen daarbij een rol.
Wij zien
niet veel van die rijke oude geschiedenis. Er resteert alleen hier en daar een
muur en een restant van een tempel, een poort en woningen. Onderzoekers hebben
hier prachtige fresco’s gevonden. Een Nestoriaanse kerk buiten de muren, een 6
voet hoog fresco van Mano, de stichter van het Manicheïsme. In de 8e
eeuw moet het hier een bloeiend centrum zijn geweest. Deze religie wordt rond
242 n.Chr. in Iran gebracht, maar door vijandigheid van het Zoroatrisme en
later Christendom en Islam worden de aanhangers verdreven. De Manicheïsten
vluchten oostwaarts, naar Samarkand en het
manicheïsme is zo verder via de zijderoute naar het oosten gegaan; het
assimileert Boeddhistische invloeden.
Wat wij zien
zijn ruïnes van de stadsmuur en van tempels, huizen en het fort. We lopen langs
de buitenmuur de hele stad rond. Dat is een prachtige wandeling van een km of
vier waarbij we ervaren en ons verbazen over hoe groot de stad geweest is.
De buiten
muur had een omtrek van 5,5 km.
de plattegrond van Gaocheng
de zuidpoort waar we beginnen
een indrukwekkend overzicht
een tempel met pagode
dit is het enige overblijfsel van een schildering die we zien
prachtige
ruïnes
4.
Het “scenic” dorp Tuyoq
Een oud
dorpje op 70 km ten Oosten van Turpan. Het is in leem/zandsteen (adobe =?)
gebouwd tegen de “Flaming Trees” te midden van wijngaarden. De oudste grotten
van Turpan zijn hier te vinden, 4e eeuw v.Chr.. een deel van het
klooster hier is tijdens de aardbeving van 1916 in een kloof verdwenen. Er is
een Oeigoerse legende over dit dorpje: 16 vrome moslims zoeken een schuilplaats
in de grotten. Er gebeurt iets en de mannen moeten de macht van een
veronderstelde godheid testen. Ze zien een grote zwarte kat waarvan ze direct
weten dat het niet de echte god kan zijn. de veronderstelde god probeert de
mannen te doden, maar ze vluchten de grotten van Tuyoq in. En een spin spint
een dik web voor de opening om de grot te verbergen. Buiten houden 2 duiven de
wacht. Daarna is een tocht naar Tuyoq “half zo heilig” als een pelgrimage neer
Mekka, en dat wordt als een halve Hadji gezien. Op een afstand en binnen in is
niets te zien.
Tuyoq is een
mooi Oeigoers dorpje, heel oud. De grotten kun je prachtig zien liggen tegen en in de bergen.
We wandelen
door het dorpje heen. Dwars erdoor loopt een heel helder stroompje. Op een
binnenplaats drinken we thee, waar we automatisch ook zelfgebakken brood en
heerlijke soep geserveerd krijgen. Een prachtig bezoek.
overzicht van Tuyoq met de uitgehakte rotsen tegen de bergen
de moskee
huizen in het dorp
binnenplaats: een hele familie
we krijgen thee geschonken; er zijn schaaltjes met rozijnen bij
brood komt uit de oven; wij krijgen het warm geserveerd
het brood in de oven
5.
Bezeklik duizend Boeddha grotten
Boven de
Murtuk rivier liggen 56 km ten oosten van Turpan in de Flaming Mountains 67
grotten die gedurende de Noordelijke en Zuidelijke dynastieën (420 – 589, na
de Wei dynastie dus) tot de Yuan dynastie (1279 – 1369) zijn uitgehouwen.
Het is in
die tijd een belangrijk Boeddhistisch centrum van eredienst, met een klooster
in de vallei. Sommige tempels zijn in de rotsen uitgehakt, andere zijn van
zongedroogde stenen gemaakt, wat uniek is (vgl. Emin minaret). We zien de
resten van 1000 Boeddha’s op het plafond geschilderd. En er is een legende van Jatake
en Nidana die vertelt van Sate (=?) die Boeddha vol respect zijn vorige leven
geeft en zo de weg naar de hemel bereidt.
Onderzoekers
hebben portretten van Boeddha uit verschillende periodes gevonden en figuren
van buitenlanders die giften aan Boeddha
komen brengen van Indische prinsen, Brahmanen, Perzen en een ‘vreemdeling met
rood haar en blauwe ogen’. Heel veel figuren en schilderingen zijn door de
onderzoekers meegenomen en verder is in de 2e WO veel vernield. Er
is heel weinig te zien, maar de site is mooi.
Overzicht van de Bezeklik grotten
een
van de weinige grotten waar een gaaf stukje
van de 1000 Boeddha’s te zien is
6.
Brandende bergen/ Flaming Mountains
Dit is voor
ons geen speciale bezoekplaats zoals in de gids staat aangekondigd. We zien bij
onze tocht heel uitgebreid de bergen, die de kleur van vlammen hebben.
Geweldig, geen wonder dat er bussen stoppen om hordes mensen uit te laten. Wij
zien ze in die zin niet op z’n mooist, dat het alle dagen bewolkt is. Maar het
is prachtig.
Dinsdag 1 september
7.
Het dorpje Dafangsi
Hier komen
we door tijdens een fietstochtje. Leuk dorpje, weer geheel tussen de
druivenranken. We zien het hele proces van druiven plukken tot en met in manden
doen of drogen tot rozijnen. Zien hier bij een in aanbouw zijnde woning hoe de
druiven opgehangen worden om tot rozijnen te worden verwerkt. Verder mogen we
ook het ondergrondse verblijf voor de winter bekijken. Ja je hebt wat nodig bij
een klimaat in de zomer temperaturen van + 40 graden C en ’s winters sneeuw en
min 10 a 20 graden met uitschieters naar min 40.
En het
snoeien van de druivenranken als de pluk voorbij is.
veld met druivenranken
het plukken van de druiven
prachtige rijpe pitloze trossen
het drogen van de druiven op de bovenverdieping
druiven veld vanuit een bovenverdieping gezien
het drogen van druiven op straat: dit worden rozijnen
in mandjes voor de verkoop
na de oogst worden de ranken gesnoeid
druiven mee op de fiets
Kees
heeft een herenfiets; het lijken trommelremmen
maar het zijn gewone knijpremmen
8.
De Emin Minaret
Twee km ten
oosten van Turpan ligt deze moskee. Hij heeft met 44 m de hoogste toren van de
zijderoute (in China waarschijnlijk) en is gebouwd in 1777/78. Het bijzondere
aan de ronde toren is dat hij van zongedroogde stenen is gemaakt, niet gebakken
dus. De patronen in de minaret zijn heel knap uitgevoerd, hier moeten heel
goede vakmensen aan hebben gewerkt.
De moskee ernaast heeft een mooi houten plafond.
Hierna
brengen we de fietsen terug en lunch in John’s café.
9.
Turpan Museum
Het museum
geeft de geschiedenis van Turpan en omgeving met allerlei artefacten prachtig
weer. De vele koninkrijken en volken die geregeerd hebben. Het vroegst is de bronstijd – 8e
toen 7e eeuw v.Chr. – toen er
al het Gushi koninkrijk was .Leuk is dat van de steden Jiaoche en Gaocheng bij
de artefacten ook grote foto’s van hoe de ruïnes nu zijn staan. En die
herkennen we. Nu zie je wat daar allemaal gevonden is.
het Turpan museum met duidelijk Islamitische, niet-Chinese
architectuur; elementen van Caïro zien we,
is dit Oeigoerse architectuur?
leuk om in het museum de stad van Jiaohe te zien met allerlei
vondsten daar terwijl we daar de vorige dag geweest zijn
een
van de vele mooie dingen uit het museum
Er is ook
een afdeling documenten, heel goed opgezet. Er zijn heel veel talen. Het oude
Oeigoers is ook te zien
Woensdag 2 september
10. De
oude stad Yarkhoto/Jiaohe
Even voor we
verder gaan, er is iets heel bijzonders aan de hand. Als we de taxi die ons
naar de stad brengt uitstappen regent het. Niet een zware bui, maar net wat
meer dan motregen. We kopen een paraplu. En gaan de ruïne stad bekijken. Waarom
zo bijzonder een beetje regen? Of een bewolkte dag zoals gisteren. Welnu Turpan
is ons als de heetste en droogste stad afgeschilderd, de metrologische cijfers
bevestigen dat ook nl: 16 mm regen per jaar, (NL 760 mm per Jaar), temperaturen
die oplopen tot + 40 graden C, oppervlakte temperaturen van 80 graden C. Je kun
dus een eitje bakken op een hete steen, en tot slot door deze hoge temperaturen
een verdamping vanuit de oase van 3000 mm water per jaar; dit tegenover de 16
mm per jaar neerslag en we begrijpen dat dit een stad is die midden in de
woestijn ligt.
Jiaohe ligt 10
km ten westen van de stad. Ook in de 14e eeuw verwoest, Maar van deze stad, die ongeveer de helft zo
groot is als Gaocheng, staat veel meer overeind. Hij is gebouwd ten tijde van
de Han dynastie (206 v.Chr. – 220 n. Chr.), maar hij is eerder hoofdstad, en
later valt hij onder de jurisdictie van het rijk van Gaocheng. Hij is de
hoofdstad van de staat Zuid Cheshi, een van de 36 koninkrijken van de
westelijke regio in de Han Dynastie. Het
is een schuilplaats voor boeren en vluchtelingen en hun ruiters. Tussen midden
8e en midden 9e eeuw wordt de stad bezet door Tibetanen.
Jioahe beleeft zijn hoogtepunt tijdens de Oeigoeren in de 9e eeuw.
Na de
verwoesting door de Mongolen geleidelijk aan weer opgebouwd onder de Yuan
dynastie (1279 – 1368).
We zien
onder de overblijfselen een uitkijktoren, poorten, Boeddhistische tempels en
monnikencomplexen. De stad ligt prachtig op een “eiland” hoog boven de rivier die
hier in tweeën heeft gesplitst, met diepe gorges. Beneden zie je mooi groen,
verder zijn er kale bergen rond de stad. We wandelen de hele stad rond en
bekijken de overblijfselen en bewonderen weer wat een geweldige stad dit
geweest moet zijn.
11. Karez
Het Karez-systeem
is een kunstig irrigatiesysteem, dat stamt uit Perzië. Het werkt met
ondergrondse tunnels die de zwaartekracht benutten om water vanuit de bergen
naar de oase Turpan te brengen. In totaal telt de regio 1600 km tunnels. Aan de
voet van de bergen spoort men bronnen en plaatsen waar het water verticaal naar
beneden stroomt op. Overal maakt men putten, eerst om het systeem aan te
leggen, dan om de tunnels te onderhouden: het uitscheppen van modder die
meekomt met het water. Men gebruikt stokken die men precies horizontaal hangt
om de kanalen recht te maken.
De tunnels bestaan al 2000 jaar, andere
bronnen spreken van 4000 jaar. Sommige tunnels zijn nog in gebruik, andere zijn
door slecht onderhoud verdwenen. De maquette geeft goed weer hoe het systeem
eruit ziet. Ook hier wordt benadrukt dat het belangrijk is ondergrondse tunnels
te hebben zodat het water niet verdampt tijdens het transport van de bergen
naar de stad. Verder is het nu meer een pretpark geworden.
Alle
bezienswaardigheden zijn mooi en erg de moeite waard. Het leuke is dat het
overal veel rustiger is. Waar we komen zijn leuke dorpjes en mooie natuur,
vooral de geweldige bergen. Dus toch een relaxte sfeer deze dagen, al is de
stad zelf hetzelfde grid van grote wegen. Overal is druiventeelt, zodra je de
stad uit bent. We komen met kilo’s druiven die we cadeau krijgen terug in het
hotel en tegen onze hygiënische regels in, smullen we ervan.
Het is net
oogsttijd (geweest) en er staat aangekondigd dat deze 2 weken druivenfeesten
zijn. Mede doordat we er niet in het weekend zijn, merken we er niets van behalve
de vlaggen die in de hoofdstraat wapperen.
Tegen de
avond lopen we nog door de grote straten van Turpan. Daar is het leuk lopen,
maar verder geen bijzonders. Wel bijzonder is onze straat met zijn arcades met
druiven ranken. Het is een voetgangersgebied waar we heerlijk kunnen zitten,
naar spelende kinderen kijken en Oeigoers eten.
We lunchen
een keer bij een bakkertje dat heerlijke broden bakt.























































Geen opmerkingen:
Een reactie posten