We
vertrekken om 9 uur uit Karakol en bezoeken eerst nog het Przhevalsky museum, 7
km buiten de stad. Przhevalsky is een Rus die als geograaf veel van China ene
Centraal-Azië in kaart heeft gebracht. Hij maakte daartoe enorm lange reizen.
Als hij op zijn laatste reis tyfus krijgt, gaat hij naar Issyk-Kul om te
sterven in Karakol. Vandaar hier het museum.
Przevalsky’
s kaart
Dan vatten
we de tocht langs de Noordkant van het meer aan, 222 km is het meer lang. Wij
hebben mooi weer, in de bergen ten N. Van de weg zien we zwarte wolken, daar
regent of sneeuwt het vast.
Weer mooie
uitzichten.
bergen onderweg van Karakol naar Cholpon Ata, langs de noordkant van het meer
idem
met schapen
het Issyk-Kul met aan de Zuidkant bergen
het houten balkon, zo typisch voor deze streek
hooi binnen halen gebeurt af en toe op de ouderwetse manier
zoals wij dat van vroeger kennen
We stoppen
voor de lunch vlak voor Cholpon Ata waar
het bekijken van petrogliefen op het programma staat. Wordt ook wel Saimaku
Tash geneomd. Er is een open vlakte met veel stenen onder aan de bergen. dat
moeten haast de morenen van een gletsjer zijn die zoveel duizend jaar geleden
naar beneden is komen zetten. De petrogliefen dateren van de Saka-Skytische periode
(zie hfst alg over Kirgizië), 8e eeuw v.Chr. tot 1e eeuw
n.Chr., en sommige uit de Turkse periode tussen de 5e en 10e eeuw. De site
zou een grote openlucht tempel geweest kunnen zijn. Veel van de petrogliefen
die we zien, zijn op de ZSW of ZO kant van de rotsblokken gemaakt, wat wijst op
een vorm van zonaanbidding. We zien een aantal mooie figuren, eigenlijk niet zo
heel veel. Maar het is zeer de moeite waard hier zo buiten te lopen en ons in
de heel vroege geschiedenis te verdiepen.
Cholpon Ata petrogliefen
de site
petrogliefen
Cholpon Ata
is verder bekend als een vakantieoord in de Sovjet tijd. Veel resorts,
sanatoria. Nu zijn er nog veel hotels en ook Russen, althans in het seizoen;
het is nu rustig.
We rijden
verder. De weg wordt na het meer de mooie door China aangelegde vierbaansweg.
Een kilometer of 125 voor Bishkek slaan we rechtsaf en rijden 38 km
gedeeltelijk terug in een parallel vallei. We gaan 2 nachten logeren in de
Chon-Kemin vallei.
vis in de kraam langs de weg
appeltjes overal
bergen
bergen
Rijden langs
mooie beken en bergen en om zes uur komen we aan in een prachtig guesthouse met
zicht op de vallei. Vlak voor het diner om 7 uur zien we nog net de zon achter
de bergen verdwijnen.
rivier in het dal van Chon-Kemin
ons mooie guesthouse
ons mooie guesthouse
De vallei
ligt dicht tegen de bergen waarachter Kazachstan ligt.
zonsondergang over de bergen in Chon-Kemin
Woensdag 16 september
Een
wandeldag. Viktor brengt ons een stukje de heuvels in, langs de beek, die behoorlijk
is, lopen we naar boven. Geer plukt wilde appeltjes en we pauzeren als we niet
zo ver van de pas af zijn. Besluiten niet verder te gaan, want we zouden de
beek moeten oversteken met schoenen en kousen uit en daar hebben we geen zin
in. Ook zonder de top te bereiken is het een prachtige wandeling, we zijn weer onder
de indruk van het prachtige berglandschap.
Aan onze
kant van de beek zijn naaldbomen, aan de andere kant kijken we uit op de
glooiende heuvels/bergen met rotspuntjes er bovenop. En daar achter de volgende
rij ruin 4500 meter hoog met besneeuwde toppen.
Op de terugweg
lunchen we aan de beek met een noodle box die we nog uit China hebben over
gehouden.
berg met rotspunten
en de beek erbij
appeltjes plukken in het wild
Geer bij beek
lunch met Noodle box uit China
hooi voor de winter
berg
met sneeuwtop
Terug bij de
auto maakt Viktor weer thee, we rijden mee tot over de beek en lopen terug naar
het guesthouse, waar we een tijd theedrinken op het balkon, al of niet in de
zon.
Weer een
prachtige plek meegemaakt. Morgen gaan we naar de hoofdstad Bishkek.
Donderdag 17 september
Op weg naar
Bishkek gaan we nog langs de Burana Toren. Een bekende toren, minaret uit de 10e
eeuw. Dit is alles wat er over is van de toen belangrijke stad Balasagun, de
belangrijkste nederzetting in wat nu noord Kirgizië is. De naam komt van de
hier begin 11e eeuw geboren dichter Balasagun. De toren is nu 24 m
hoog, moet 46 m geweest zijn. Aardbevingen in de 19e eeuw – de
laatste in 1900 - hebben de originele
toren gedeeltelijk verwoest. De toren is in de zeventiger jaren gerestaureerd.
Voor ons is
van belang dat deze stad een belangrijke plaats van de Zijderoute is geweest.
grafstenen en petrogliefen
op een oude muur met zicht op de muren
an de totale stad Balasagun
veel Kirgizische toeristen, vooral veel lawaaierige jongelui
en hier een erg oude mevrouw met haar familie
We rijden
verder naar Bishkek
mooie
bushokjes met tegelwerk langs de weg
We lunchen
dichtbij het hotel.



































Geen opmerkingen:
Een reactie posten