woensdag 30 september
We
vertrekken met 9 taxi’s met naar de Ferghana vallei. Dat is omdat we de 2300m
hoge berg van het Tien Shan gebergte die door de vallei heen loopt met een bus
heel moeizaam zouden kunnen nemen cq waar bussen nu verboden zijn gezien de weg
werkzaamheden, te gevaarlijk.
Zodra we de
berg over zijn stoppen we ergens om over te stappen in een bus die ons vandaag
en morgen verder zal vervoeren.
We rijden
een stuk verder, naar Kokand, alwaar we lunchen.
En dan
bezoeken we het Paleis van Khudayar Khan, gebouwd van 1863 – 1870. Het paleis had
110 kamers, nu 19. E.e.a. door Russen vernield. Het paleis is niet bijzonder
mooi. Wat wel opvallend is, zijn de gele/zandkleurige steentjes in de mozaïeken
die we in Samarkand etc. niet meer zullen tegen komen. Ook bijzonder is dat in
de hele grote gevel van het paleis (zie 1e foto hier onder) geen
symmetrisch patroon te zien is. Allemaal andere patroontjes, zijn we voor zover
we weten nog niet of nauwelijks tegen gekomen.
Binnen zijn
er binnenplaatsen en kamers, de een mooier dan de ander. Ons valt op dat we ook
veel Chinees schilderwerk bij de plafonds en pilaren zien. En mooi houtsnijwerk
en serviesgoed.
We lopen
behoorlijk lang rond en krijgen uitleg van een Engelssprekende dame, die de
directeur van het museum paleis is.
Paleis van Khudayar Khan
een van de minaretten
het tegelwerk; overal verschillende patronen, niet symmetrisch
de koepel vanaf de binneplaats
plafond doet Chinees aan
diep ingesneden werk
prachtig houtsnijwerk
allerlei tafeltjes, lijkt op Egyptisch
en minder verfijnde plafonds
fraai porselein
een van de binnenhoven
Het volgende
bezoek is dat aan de Madrassa Mir, een madrasse die in reconstructie is. De
studenten studeren momenteel ergens anders. Er zijn 80 studenten voor een vier
jarige opleiding tot Iman. Men neemt hier eenmaal per vier jaar de 80 studenten
aan vertelt de gids.
de Madrassa Mir
de binnenplaats
de tegeltjes zo blauw als de lucht
houtwerk met scharnier
Dan bezoeken
we nog Dahma-I Shakhon tombe uit 1823, het graf van de
koninklijke familie. Er is een verhaal van een sterke vrouw die regentes was
voor haar jongere zoon en veel aan kunst deed, goed voor iedereen zorgde. Toen
haar zoon aan de macht kwam ging veel teloor; hij was een vechtersbaas
de ingang van de begraafplaats, het hele complex
de koepel
de koepel van de tombe
een plafond
de uitgang van de tombe/begraafplaats, aan de andere kant
een soort theehuisje buiten
Donderdag 1 oktober

We rijden
naar Quva, waar we beginne met een bezoek aan een koepel voor de dichter Afar
Ganuz die hier in de 9e eeuw geboren is, opgeleid in Buchara en ook
aan de academie van Bagdad heeft lesgegeven. Een groot wiskundige, astronoom.
Maakte o.a. de Nilometer die in Egypte staat. Bij de koepel komen diverse
trouwpartijen langs om foto’s te nemen.
Achter de
koepel is een oude opgraving, waarover Jona boeiend vertelt. Mogelijk 2e
eeuw v.Chr. Hij leidt e.e.a. af van een potscherf die hij ter plaatse vindt:
het is op een bepaalde manier gebakken, er zit koper in en dat betekent dat de
pot van ver hier is gekomen – hier zit geen koper in de grond. Waarschijnlijk Boeddhistisch
klooster geweest (1e veeg uit zijn verhaal). Later (2e
veeg) zijn hier de Yuezhi (Hunnen) geweest. Ook Kushana’s, machtige koningen,
hebben hier geheerst en in die tijd konden Boeddhisten hier makkelijk
binnenkomen
En Sigrid
vertelt over de Fergana vallei: het
meest vruchtbare en groene deel van Oezbekistan en van heel Centraal-Azië. De
Syrdia loopt er doorheen, dat betekent dat het zeker vanaf de 2e
eeuw al vruchtbaar is. Het heeft nog een tijdje bij China gehoord, tot tijdens de Arabische expansie in de 8e
eeuw het kalifaat van Bagdad dit bij hun gebied wilde hebben en Abu Muslim erop
werd gezet. Hij won de veldslag tegen de Chinezen. De vallei is de basis voor
allerlei strijd en revoluties, religieuze en staatkundige redenen. Zowel
Kirgizië, Tadzjikistan als Oezbekistan is dol op de vallei. Dat is ook de reden
dat militairen ons regelmatig bewaken.
de dichter Afar Ganuz
de opgraving van waarschijnlijk een Boeddhistische tempel
Voordat we
verder gaan een kopje thee.
twee vrouwen op straat
thee drinken
En dan in
Quva de moskee Jome Masjichi. Deze is uit 1820 en wordt nu gerestaureerd.
Blauwe kleuren van binnen onderaan de zuilen en verder weer mooi
Chinees-Arabische patronen in de plafonds en zuilen en mooi houtsnijwerk.
de moskee Jome Masjichi
minaret
binnen in de moskee (openlucht, voor de zomer)
een houten balustrade
het plafond: weer Chinese en
Arabische invloeden
We zijn
vroeg in het Fergana Asia hotel. Vandaaruit zoeken we met een groepje een
restaurant, wat een avontuur op zich is. Na een tijdje vinden we een Russisch
restaurant, zoeken een stil hoekje. Dat blijkt maar voor even. Er is een
bruiloft en de muziek wordt luider en luider en het eten blijft maar weg.
Uiteindelijk krijgen we een prachtige kamer waar we aan tafel kunnen aanliggen.
Het komt dus allemaal goed, ook om het in het donker over een zeer slechte weg
naar het hotel terug te gaan.
Vrijdag 2 oktober
Dit is de
dag van terugreis naar Tasjkent. Taxi’s rijden voor en we rijden de weg die wij
al een keer gereden hebben terug, van 8 tot 3 uur, inclusief lunch, stop voor
een monument uit de 2e wereldoorlog en paspoortcontroles.
katoenteelt nogmaals
plukken van de katoen
schapen langs de weg, op weg naar beneden
haarspeldbochten naar beneden
Terug in
Tasjkent gaan we direct door naar het Xasti Imom plein voor ons voor de 2e
keer. We bezoeken nu net de dingen die we de vorige week in Tasjkent niet
hadden gezien:
de moskee
Hazarti Imome, de Mubarak bibliotheek en de Madrassa Barak Cha.
De moskee is
vrij nieuw, 2009. Het is de vrijdagmoskee, die is gebouwd ter ere van Hazarti
Imome, een belangrijk man van 400 jaar geleden. Het is een heel groot complex,
er kunnen 10.000 mensen in, waarvan in het zomergedeelte 4000. De moskee is
gefinancierd door de regering. De pilaren in de binnenhof zijn weer heel
speciaal: Oezbeeks houtsnijwerk.
de moskee Hazarti Imome
de minaret bij de moskee
de binnenplaats

houtsnijwerk op de binnenplaats
ingezoomd op houtsnijwerk
de moskee van de andere kant,
vanaf de binnenplaats
Dan de
vroegere Mubarak moskee, nu bibliotheek voor een Koran uit de 7e
eeuw, geschreven door Usman Muskhafi. Het is een van de drie originelen. Dit
belangrijke document is vanuit Irak via Samarkand naar Tasjkent gebracht door
de nationale held Amir Timur in de 14e eeuw. Het document ligt
opgebaard als in een mausoleum, heeft heel grote letters en is geschreven op
lamsleren pagina’s waardoor het boek behoorlijk dik is. In kamertjes aan de
zijkant liggen nog andere religieuze documenten.
Tot slot de
Madrassa Barak Cha.Komt uit de 16e eeuw, Safanieden. Het is een van
de weinige gebouwen die bij de aardbeving van 1966 gespaard is. Het inleg werk
is prachtig, een van de mooiste in Centraal Azië volgens Jona.
de madrassa Barak Chan
minaretje
inlegwerk, mooier dan in Isfahan volgens Jona
prachtige bloemen
het plafond binnenin
Terug naar
het hotel. Wij lopen de nieuwe stad in, drinken een biertje op het terras van
onze eerste avond in Tasjkent en eten in een Japans restaurant daarnaast, dat
ons een heerlijk maaltijd serveert. Terug naar het hotel en pakken.












































